:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> TARZAN COLLECTION, THE
TARZAN COLLECTION, THE
Bespreking door: Dieter - Geplaatst op: 2004-12-30
ACHTERGROND
Voor MGM in 1932 begon met de productie van Tarzan, the Ape Man, waren er al diverse pogingen geweest om Edgar Rice Burroughs jungleheld naar het witte doek te vertalen. Maar pas nu ex-Olympisch zwemkampioen Johnny Weissmuller in de huid van de aapmens kroop, wist de mythische figuur een groot publiek aan te spreken. De eerste film was zo’n succes dat er al snel een vervolg kwam, en naderhand zelfs een hele serie. Tussen 1932 en 1942 produceerde MGM zes bioscoopavonturen met Weissmuller in de Tarzanrol en Maureen O’Sullivan als zijn geliefde Jane. Hoewel rivaliserende studio RKO naderhand nog eens zes films produceerde, mét de Olympische zwemmer maar zonder O’Sullivan, worden de cinema-exploten uit de jaren dertig en begin jaren veertig algemeen beschouwd als de beste, tegenwoordig tot het collectief geheugen behorende, films. Het zijn dan ook deze producties die Warner Home Entertainment, voor het eerst op dvd, in deze boxset heeft opgenomen.

Opvallend is hoe Tarzan zichzelf slechts beetje bij beetje een prominente rol weet op te eisen in de films. In Tarzan, the Ape Man duikt hij pas op na ruim een half uur, in Tarzan Escapes na twintig minuten, en pas in de laatste film uit het rijtje, Tarzan’s New York Adventure verschijnt hij meteen na de begingeneriek. Bovendien is hij een verrassend passieve held, die enkel in actie treedt als vrouw, zoon of een vriend zijn hulp inroepen. Geen enkele maal neemt Tarzan zelf initiatief. Dat geeft het personage weliswaar een zekere beschaafdheid mee, maar maakt hem naar de kijker toe ook zwakker en levert minder empathie op. Ook de rest van het junglegezinnetje blinkt uit in naïviteit, zelfs na veelvuldig te zijn bedrogen, wat een frustrerend en repetitief effect geeft.

Repetitie is trouwens een terugkerend thema in deze Tarzanfilms. De eerste vijf producties beginnen allen met een safari die de massieve, hoge Matia-wand (Tarzan’s habitat) beklimt, in de hoop er ivoor, goud of dierentrofeeën te vinden. Tussenin zijn er enkele dierengevechten en een onderwatersequentie, waarin Johnny Weissmuller zijn kunsten kan tonen. En de films eindigen steevast met een gijzeling door een kannibalistisch oerwoudvolk, en een redding op het laatste moment dankzij een door Tarzan aangevoerde olifantenstormloop. Enkel Tarzan’s New York Adventure wijkt af van dit stramien, hoewel de olifantenclimax intact blijft. Ook in de talloze gevechten met dieren is het herhaling troef. Filmfragmenten uit vorige producties worden schaamteloos gerecycleerd en gehermonteerd, zodat je Tarzan niet in één film, maar in bijna àlle films dezelfde leeuw, neushoorn of krokodil ziet bekampen. Wel positief is hoe overtuigend en gevaarlijk deze gevechten met wilde beesten, zelfs na 70 jaar en ondanks een bijwijlen hilarisch gebruik van achtergrondprojectie, nog overkomen.

De tand des tijds heeft deze films niet gespaard. Het tempo ligt onnoemelijk laag naar moderne normen, de plot beweegt zich voort aan een slakkengangetje en diepgang moet je in de personages niet zoeken. Dat de producties toch nog enigszins overeind blijven, is te danken aan de chemie die onmiskenbaar de relatie tussen Johnny Weismuller en Maureen O’Sullivan kruidt. Hun vertolkingen zijn misschien niet van wereldniveau, maar ze evoqueren wel een ongewone eerlijkheid en openheid, die de films van een groot hart voorzien. De band tussen Tarzan en Jane wordt bovendien versterkt door het onverbloemde erotische karakter van hun relatie. De filmmakers spelen, vooral in de eerste twee films, de kaart van seksualiteit op een wijze die je doet afvragen hoe deze producties ooit ongehavend door de toenmalige, absurd strenge, censuur geraakt zijn.

De Tarzanfilms die op deze dvd verzameld zijn, hebben op zeventig jaar tijd heel wat aan hun originele kracht ingeboet en kunnen hun B-film origine nooit volledig verhullen. Bovendien zitten er zo veel racistische ondertonen in de plots en subplots, dat Gone with the Wind er ineens als een ode aan de onderdrukte zwarte slaaf gaat uitzien. Maar juist deze naïeve aanpak, in zowel vorm als inhoud, heeft in de loop der jaren een glazuurlaagje van onmiskenbare charme opgeleverd, die weliswaar de oubolligheid en politieke incorrectheid van de films niet compleet bedekt, maar alleszins voldoende is om enkele aangename, hersenloze uren voor de buis te vertoeven.

FILMS
Tarzan, the Ape Man (1932)
Een safari, waarvan o.a. Jane en haar vader deel uitmaken, baant zich een weg door de jungle, op zoek naar een legendarisch olifantenkerkhof. Onderweg komen ze in contact met Tarzan, die belooft hen te beschermen tegen gevaren als wilde beesten en kannibalen. Jane wordt al snel verliefd op de aapmens, en wanneer haar vader sterft tijdens de expeditie, besluit ze zich samen met Tarzan voorgoed terug te trekken in de jungle. Dit eerste deel van de Tarzan-reeks zou heel wat genietbaarder zijn mocht de vertelstijl niet zo traag en verouderd zijn. De gevechten met wilde beesten zijn immers zeer overtuigend en ook de special effects op bvb. de Mutia-klif mogen er best zijn. Maar vooral de groeiende liefde tussen Tarzan en Jane verheft de productie (net) boven de middelmaat. In deze film worden trouwens de legendarische woorden “Me Tarzan, You Jane” uitgesproken. Alleen al daarom mag je Tarzan, the Ape Man een klassieker noemen.

Tarzan and his Mate (1934)
Een lid van de vorige expeditie keert terug naar de Mutia-Wand om het ivoor van het olifantenkerkhof mee te nemen. Jane heeft hier eerst geen problemen mee, tot Tarzan haar duidelijk maakt dat hij het gelijk stelt met grafschennis. Vanaf dat moment stellen de aapmens en zijn vrouw alles in het werk om de ivoorroof te voorkomen. Deze film is minder verrassend en origineel dan zijn voorganger, op het randje van een directe kopie af, maar verdient toch wat aandacht. Niet in het minst voor een extreem erotische, naakte zwemtocht van Tarzan en Jane, die in de loop der jaren verloren was gegaan, maar nu opnieuw in de film werd gemonteerd. Ook het gebruik van humor is veel frequenter dan in zijn quasi kurkdroge voorganger.

Tarzan Escapes (1936)
Enkele familieleden van Jane wagen zich in de jungle om haar te zoeken. Ze verklaren dat haar aanwezigheid in Londen vereist is om een recente erfenis te ontvangen. Uiteraard is Tarzan hier niet voor te vinden. De jager die de familieleden vergezelt, heeft bovendien snode plannen met de Koning van het Oerwoud. Vanaf deze aflevering in de reeks is er een duidelijke trendbreuk zichtbaar. Het ritme van de film schiet de hoogte in, hoewel de plot zelf verschraalt. Het junglegezinnetje wordt bovendien neergezet als een soort Flintstones, die moderne machines als vaatwassers of liften op hun eigen wijze recreëren in de jungle. Dit komt de vrijblijvende amusementswaarde echter zeer ten goede, op een campy manier.

Tarzan finds a Son (1939)
Een vliegtuig stort neer in Tarzans habitat. Een babyjongetje overleeft als enige de crash, wordt jarenlang door Jane en Tarzan opgevoed, als was het hun eigen zoon, en krijgt de naam Boy mee. Wanneer de familieleden van Boy ontdekken dat hij nog leeft, willen ze hem meenemen naar de beschaving. En ondanks Tarzans bedenkingen, is Jane het met hen eens. Op emotioneel vlak is dit wellicht de sterkste film uit de reeks. De hechtheid van het junglegezin wordt zwaar op de proef gesteld, maar komt des te sterker uit de beproevingen. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat Jane zou sterven in deze aflevering, maar ze overleeft alsnog een gevaarlijke wonde. Spijtig genoeg, want anders was de emotionele impact wellicht nog een stuk groter geweest.

Tarzan’s Secret Treasure (1941)
Wanneer Boy zijn mond voorbijpraat over een goudader op de Mutia-Wand, trachten enkele onscrupuleuze jagers de slag van hun leven te slaan. Ze kidnappen Jane en Boy en persen op die manier Tarzan af om de ligging van het goud te verraden. Maar uiteindelijk is het de nobele aapmens die het laatst lacht. Voor het eerst is Boy de echte focus van het verhaal. Hij neemt de plaats in van Jane als familielid dat zich steeds weer in nesten werkt. Opvallend is bovendien de additie van een zwarte jongen als ‘adoptiezoon’ van Tarzan. Dit zorgt helaas voor meer melodrama dan een mens kan verdragen. Gekoppeld aan een plot die weinig nieuws vertelt, levert dat de zwakste film uit het rijtje op.

Tarzan’s New York Adventure (1942)
Boy wordt gekidnapt door een groep jagers, die hem meenemen naar New York om hem aan een circus te verpatsen. Tarzan en Jane reizen de ontvoerders van hun zoon achterna. De confrontatie met beschaving is bruusk voor de aapmens, maar hij zet de ongewone situatie al snel naar zijn hand, en weet Boy op te sporen in de betonnen jungle van The Big Apple. Dit avontuur is een buitenbeentje in de reeks, omdat meer dan ooit humor op de voorgrond treedt. Vooral chimpansee Cheetah krijgt hierin een prominente rol. Spijtig dat de plot zo traag wordt afgehaspeld en dat er weinig creatief wordt omgesprongen met de locatie, maar, mede dankzij de korte looptijd, weet de film toch je aandacht vast te houden.

BEELD EN GELUID
De beeldkwaliteit verschilt als water en vuur als je sommige films uit deze collectie met elkaar vergelijkt. De twee oudste producties bevatten ampele sporen van hun leeftijd: er is een frequente beeldflikkering, massa’s krassen en vuiltjes en een storende hoeveelheid filmgrain. In Tarzan and his Mate valt bovendien op hoe onscherp het beeld doorheen de ganse film is. Gelukkig verbetert de kwaliteit met iedere volgende film in de reeks. Zwartniveaus worden genuanceerder, de helderheid haalt uitstekende hoogten en het scherpteprobleem verdwijnt nagenoeg volkomen. Zelfs de achtergrondprojecties, die in de eerste films een ramp zijn, zetten een fenomenale stap voorwaarts. Variërend van bedroevend tot uitstekend, en rekening houdend met de leeftijd van de serie, krijgt het beeld grosso mode dus een aanvaardbare voldoende van mij.

Met de geluidssporen is het ongeveer hetzelfde verhaal. In Tarzan, the Ape Man en zijn eerste sequel zijn de dialogen nagenoeg overal moeilijk verstaanbaar en schijnbaar weggemoffeld achter een laagje ruis. Zonder ondertitels haast onmogelijk om volgen zelfs. Vanaf de derde film verdwijnen opnieuw het merendeel van de problemen. De mono-track geeft weliswaar nauwelijks dynamiek weer, mede doordat een filmscore in geen van de zes films aanwezig is, maar de dialogen en oerwoudgeluiden zijn tenminste helder en kraakvrij. Het algemene verdict: Tarzan, the Ape Man en Tarzan and his Mate verdienen een dringende restauratie, terwijl de overige films een aanvaardbaar niveau halen.

EXTRA’S
Wat een gemiste kans van Warner Home Entertainment! De regio 1 versie van The Tarzan Collection bevat een extra disc met documentaires, trailers, kortfilms en zoveel meer. Regio 2 kan enkel op zijn kin kloppen want wij blijven verstoken van zelfs een minimale selectie uit dit mooie bonusmateriaal. Van een studio die doorgaans prachtige Special Editions van klassieke titels uitbrengt, mag je meer verwachten dan deze extraloze dvd.

CONCLUSIE
Iedereen die ooit op een zaterdagnamiddag naar Tarzanfilms keek op de televisie, weet inmiddels dat alle titels uit The Tarzan Collection een ongelooflijke charme bezitten, waardoor hun oubolligheid, trage tempo en racisme makkelijk met de mantel der liefde bedekt zullen worden. Beeld- en geluidskwaliteit van deze release varieert chronologisch van slecht tot prima en is doorgaans bevredigend voor films van deze leeftijd. De afwezigheid van enig bonusmateriaal is echter onvergeeflijk, zeker aangezien regio 1 wél vele extra’s kreeg.


cover



Studio: Warner

Regie: W.S. Van Dyke, Cedric Gibbons, Richard Thorpe
Met: Johnny Weissmuller, Maureen O’Sullivan, John Sheffield, Neil Hamilton

Film:
6/10

Extra's:
0/10

Geluid:
5,5/10

Beeld:
6/10


Regio:
2

Genre:
Avontuur

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
1932-42

Leeftijd:
12

Speelduur:
508 min.

Type DVD:
DS-SL


Beeldformaat:
1.37:1 PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital Mono 1.0,
Frans Dolby Digital Mono 1.0,
Italiaans Dolby Digital Mono 1.0

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
Geen

Andere recente releases van deze maatschappij