:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> ORCHESTRAL MUSIC IN THE 20TH CENTURY - RHYTHM
ORCHESTRAL MUSIC IN THE 20TH CENTURY - RHYTHM
Bespreking door: William - Geplaatst op: 2005-09-20
DOCUMENTAIRE
In de 20ste eeuw is Igor Stravinsky één van de eerste componisten die het strakke ritme in de klassieke muziek loslaat. Le Sacre du Printemps schrijft hij voor de legendarische Ballets Russes van Serge Diaghilev, een compositie geïnspireerd op heidense rituelen waarin een meisje, dat geofferd wordt aan de God van de Lente, zich dood danst. Stravinsky reageert met die compositie op de Laat-Romantische strekking in de muziek op het einde van de 19de eeuw en kiest voor barbaarse en donkere klanken en een onregelmatig metrum dat afrekent met het traditionele concept van regelmaat, voorspelbaarheid en gestructureerd metrum in de klassieke muziek. De componist wisselt bekende en vertrouwde ritmes met elkaar af en stopt er totaal nieuwe bij. Tijdens de première van 1913 in Parijs weet het publiek niet wat er gebeurt en al na de eerste stormachtige passages breekt de hel los tussen voor- en tegenstanders van dit avant-gardistische werk. Le Sacre du Printemps groeit uit tot een schandaal.

Getuige van wat er in de zaal gebeurt is de jonge Franse componist Edgar Varèse. Hij is in de wolken over wat hij ziet en hoort en zal zelf evolueren naar een zeer energieke muziek van uit zijn interesse voor nieuwe technologieën, machines, motoren en alles wat het nieuwe tijdperk te bieden heeft. Varèse laat de traditionele instrumenten achter zich en experimenteert met percussie, trillingen en sirenes, waarbij het geluid tegelijk het ritme aangeeft en de klank van zijn compositie bepaalt. De piano in zijn baanbrekende werk Ionisation uit 1931 is eveneens herleid tot een percussie-instrument. Harmonie en melodische structuur worden helemaal opzij geschoven en maken plaats voor gelaagd geluid en diverse ritmes die door elkaar hoorbaar zijn.

Tegen 1950 componeert de bij ons weinig bekende Amerikaanse muziekauteur Conlon Nancarrow werk voor pianola, een mechanisch instrument dat door middel van geperforeerde kartons muziek maakt en tot dan toe vooral in het commerciële muziekcircuit in gebruik is. Nancarrow brengt zijn ingewikkelde ritmische composities op het karton over en slaagt erin een tempo van 120 noten per seconde te laten produceren in verschillende ritmes, een krachttoer die geen enkele pianist hem nadoet. Voor het eerst is de uitvoering van een muziekcompositie helemaal overgenomen door een elektrisch aangedreven instrument: het tijdperk van de elektronische muziek is niet ver meer af.

Het werk van Nancarrow wordt rond 1980 herontdekt door György Ligeti die de muziek van de Amerikaan origineel, onderhoudend en uitstekend gecomponeerd vindt. De naar West-Europa uitgeweken Hongaar experimenteert zelf na de Tweede Wereldoorlog met de bekende technieken uit zijn tijd, en slaagt met Atmosphères uit 1961 een totaal nieuwe richting in. Hij noemt zijn stijl Mycropolyphony, waarbij hij alle elementen van zijn compositie naar één niveau brengt. Het resultaat zijn Soundscapes waarbij de verschillende ritmes en stemmen in functie staan van het Gesamtwerk dat de luisteraar optilt naar de hemel.

Met de groeiende globalisering in de late jaren’50 komen westerse componisten in contact met Afrikaanse en Aziatische ritmes. Steve Reich, één van de belangrijkste meesters uit de na-oorlogse periode, laat zich inspireren door Afrikaanse drums en Indonesische gamelanmuziek. Het resultaat is minimal music met een eenvoudige structuur en eindeloze herhalingen die in de loop van de compositie voorzichtig verschuiven. De muziek krijgt een meditatief karakter met bedwelmende trekjes. Zijn compositie Music for Pieces of Wood, voor vijf paar houten blokjes, is de eenvoud zelve, met vijf verschillende ritmes die over en door elkaar klinken en om beurt de bovenhand nemen, minimalistisch en betoverend, jagend en welluidend. Conventionele muziekinstrumenten zijn totaal verdwenen en alleen de klank van de houten blokjes zorgt voor spanning en opwinding.

Heel apart staat de Fransman Olivier Messiaen. Hij is organist in een katholieke kerk in Parijs en zijn spiritualiteit is gebaseerd op het klassieke Griekse metrum, het ritme van de Indiase muziek en zijn interesse voor het gezang van vogels. Zijn lievelingsinstrument is de piano wegens de grote tonaliteit. Die is voorzien van een Martenot, genoemd naar de uitvinder van een klavier dat elektronische geluiden produceert.

Zoals in Deel 1 van deze unieke dvd-reeks, geproduceerd door Art Haus Musik en in de Lage Landen verdeeld door het Amsterdamse kwaliteitslabel Total Film, is het Sir Simon Rattle die de verschillende muziekstukken en hun auteurs bij de toeschouwer introduceert. Aan de hand van anekdotes vertelt hij over het karakter en de inspiratiebron van de componisten, maakt hij voor de leek de tijdgeest duidelijk en situeert hij de composities in het ruimere kader van de oprukkende industrialisering, de Wereldoorlogen en de voorzichtige globalisering na 1945. Rattle is een boeiend verteller en een interessante persoonlijkheid die de aandacht van de toeschouwer gaande houdt en zijn verhaal zonder veel moeilijke woorden of fraseringen overbrengt.

Orchestral Music In The 20th Century - Rhythm is het tweede deel van een dvd-reeks van 7 titels die in de loop van de zomer en herfst 2005 verschijnen bij Total Film in Amsterdam. De gastheer is telkens Sir Simon Rattle:

Volume 1: Dancing On A Volcano (Wagner, Schoenberg, Webern, Berg)
Volume 3: Colour – L'Après-midi D'un Faune (Debussy, Boulez, Takemitsu)
Volume 4: Journeys Through Dark Landscapes (Bartok, Shostakovich, Lutoslawski)
Volume 5: The American Way (Gershwin, Cage, Copland, Weill, Bernstein)
Volume 6: After The Wake (Strauss, Schoenberg, Britten, Stockhausen)
Volume 7: Threads (Berio, Kurtag, Birtwhisle, Turnage, Knussen, Gubaidulina)

BEELD EN GELUID
Deze 50 minuten durende documentaire is samengesteld uit diverse soorten materiaal: er is zwart/wit-footage uit het begin van de eeuw, er zijn de opnamen van de concertuitvoeringen van de Birmingham Symphony Orchestra en er is het interview met de dirigent zelf. De algemene indruk is er eentje van een grote zorg voor de beeldkwaliteit. De video-opnamen zijn storingvrij en mooi van kleur, zoals dat van een documentaire mag worden verwacht. Het stereogeluid van de uitgevoerde werken is uitstekend, de geluidskwaliteit van de oudere opnamen (de pianorollen van Nancarrow) is uiteraard getekend door de tijd, maar authentiek, wat ook een meerwaarde biedt.

EXTRA'S
Deze dvd biedt als extra’s de Biografieën van de Componisten, een Fotogalerij en een Bonus Audio Track Turangalïla-Symfonie van Olivier Messiaen voor wie dat werk in zijn totaliteit én in PCM Stereo graag beluistert.

CONCLUSIE
Orchestral Music in the 20the Century – Rhythm is een documentaire over de breuk die in de klassieke muziek ontstaat in de 20ste eeuw qua ritme en metrum. De componisten van de Nieuwe Tijd verlaten de strakke patronen van hun oudere collega’s en experimenteren met de nieuwe mogelijkheden die voor handen zijn. Het resultaat is een totaal nieuwe muziek, voor sommigen boeiend en vernieuwend, voor anderen afschuwelijk en verwerpelijk, maar in alle geval gelijklopend met de maatschappelijk, sociale en technologische ontwikkelingen van een maatschappij die steeds meer afhankelijk wordt van machines en nieuwe uitvinden en die tijd niet meer in dagen en weken uitdrukt, maar eerder in minuten en seconden.


cover




Studio: Total Film

Regie: Peter West
Met: Sir Simon Rattle, City of Birmingham Symphony Orchestra

Film:
8/10

Extra's:
6/10

Geluid:
8,5/10

Beeld:
8/10


Regio:
0

Genre:
Documentaire

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
1996

Leeftijd:
E

Speelduur:
50 min.

Type DVD:
SS-SL


Beeldformaat:
1.85:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels PCM Stereo

Ondertitels:
o.a. Frans, Spaans
Extra's:
• Biography of the Composers
• Bonus Audiotrack "Tirangalîla-Symphony"
• Picture Gallery

Andere recente releases van deze maatschappij