:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> ROSEMARY'S BABY
ROSEMARY'S BABY
Bespreking door: Dieter - Geplaatst op: 2006-08-29
FILM
Een beklemmende sfeer, superieure acteerprestaties en subtiele doch angstaanjagende horror zijn niet bepaald uitdrukkingen die je associeert met William Castle, de koning van de griezelige B-films. En toch is de man verantwoordelijk voor een prent die al deze deugden belichaamt. Hij produceerde namelijk Rosemary's Baby, de film die Roman Polanski's definitieve doorbraak zou betekenen. Castle was oorspronkelijk van plan de adaptatie van de gelijknamige bestseller van Ira Levin zelf te regisseren, maar daar stak Robert Evans, pas gepromoveerd tot hoofd productie bij Paramount, een stokje voor. Evans had iemand anders op het oog. Een outsider, iemand wiens onorthodoxe Europese stijl de subtiele gotiek van het verhaal perfect kon complementeren. De rest is geschiedenis, want de uitverkorene – Polanski – voelde plot en sfeer uitstekend aan, assembleerde een eclectische cast en gaf gestalte aan wat veel mensen nog steeds beschouwen als de beste horrorfilm ooit gedraaid.

Het titulaire personage, Rosemary Woodhouse, trekt samen met haar echtgenoot, de onsuccesvolle acteur Guy, in een oud New Yorks appartementsgebouw in. Het gebouw heeft een macabere geschiedenis achter de rug, met legendes die verhalen over heksen en kindereters, maar daar trekken Guy en Rosemary zich weinig van aan. Ze hebben meer last van hun buren, het oubollige koppel Roman en Minnie Castevet, dat zich te pas en te onpas moeit. Rosemary heeft zelfs bizarre dromen over hen, waarin de buren aan satanische rituelen meedoen. Wanneer ze echter zwanger wordt, groeit de angst dat deze dromen de realiteit zijn en dat de Castevets haar kind na de geboorte willen offeren. Steeds meer feiten lijken haar hypothese te staven: een buurvrouw sterft, een rivaal van Guy wordt blind en haar beste vriend belandt in een coma. Rosemary vermoedt een complot waarin niet enkel de buren, maar het ganse appartementsgebouw, haar gynaecoloog en zelfs haar echtgenoot betrokken zijn. Maar wie durft haar paranoïde verhaal te geloven?



De originele premisse van Ira Levins roman was al intrigerend – hoewel het boek zelf veeleer naar goed verkopende pulp neigt – maar wordt door Roman Polanski naar een geheel nieuw niveau getild. Een Amerikaanse regisseur had wellicht voor de goedkope shocks gegaan – een vaststaand feit mocht Castle in de regiestoel hebben plaatsgenomen – maar de Poolse cineast drijft vooral de paranoia naar ongekende hoogten en weet de film met een distinctief oud-Europese sensibiliteit te injecteren. Je vergeet bijna dat het verhaal speelt in New York anno 1965-66 door de sfeer van vergane glorie die Polanski in zijn prent steekt. De keuze voor het heerlijk gotische en claustrofobische Dakotagebouw als belangrijkste locatie speelt daar een rol in, maar ook Polanski's voorkeur voor oude gloriën van het witte doek in de belangrijkste nevenrollen en de grijsgrauwe kleuren waarin hij zijn beelden baadt. Die meesterzetjes komen niet enkel de atmosfeer maar ook de geloofwaardigheid ten goede. Het is immers perfect geloofwaardig dat de verouderde heksenkring met de Castevets als leiders in Rosemary en haar baby de laatste kans ziet om te overleven.

Het traag opgebouwde scenario opent zorgenvrij, maar als de schillen van een ajuin wordt beetje bij beetje de spanning en de paranoia opgebouwd. Polanski vereenzelvigt ons door een subtiel-manipulatieve regie met Rosemary, zodat haar waarheid ook die van ons wordt. Zo willen ook wij als kijker bevestigd worden in onze complottheorieën, wat de ontknoping van Rosemary’s Baby niet enkel bevredigend maakt, maar ook extreem verontrustend. Niet enkel de Poolse cineast verdient hiervoor lof, maar ook de technische crew die hij rond zich verzamelde. Richard Sylbert, de production designer, tovert duistere decadente decors tevoorschijn zonder hierbij het 'unheimliche' te zwaar te benadrukken. Zijn artistieke bijdrage is bepalend voor ons geloof in Rosemary's wereld. Ook de muziek van vaste Polanski-medewerker Christopher Komeda ondersteunt de thematiek van de film, met een sublieme afwisseling tussen schijnbaar onschadelijke wiegeliedjes en ongemakkelijk krijsende vioolstaccato’s. Een derde onmisbare rechterhand van de Pool is cameraman William Fraker, wiens losse-hand-stijl je steeds laat gissen en wiens eerder genoemde kleurenpalet de sfeer naar duistere regionen gidst. Tenslotte is Polanski's keuze voor een sobere – en daardoor verontrustende – geluidstrack een punt van lof.

Voor zijn hoofdactrice ging de cineast niet vissen in de pool van Hollywood starlets, maar op het kleine scherm. Mia Farrow schitterde halverwege de jaren zestig immers in de immens populaire primetime soap Peyton Place. Vandaag de dag mag het casten van een tv-ster in een film dan geen gefronste wenkbrauwen meer opwekken, ten tijde van Rosemary's Baby was het een ongewone zet, zeker omdat van de jonge Farrow gevraagd werd een moeilijke film op haar eentje te dragen. Zoals zoveel beslissingen van Polanski bij deze prent, draaide het echter positief uit. Farrow belichaamt immers zowel de fragiliteit van het titulaire personage als haar groeiende waanzin en eeuwige liefde voor het kind dat in haar groeit. Het is een van de meest verbluffende debuutperformances voor een hoofdrol uit de Hollywoodgeschiedenis. Mia Farrows toenmalige echtgenoot Frank Sinatra dacht daar echter anders over. Hij stelde zijn vrouw voor de keuze: ofwel de rol van Rosemary aanvaarden ofwel hun huwelijk redden. Farrow koos voor het eerste in wat uiteindelijk de beste beslissing van haar leven zou blijken.



Naast Mia Farrow krijgen echter ook de andere acteurs de kans om te schijnen. John Cassavetes zal nooit mijn favoriete acteur – of regisseur – zijn, maar als Guy Woodhouse is hij perfect gecast. Robert Redford, de originele keus voor de rol, was ongetwijfeld ook briljant geweest als Rosemary's echtgenoot, maar het is twijfelachtig of hij de 'als hij nu goed of slecht'-ambiguïteit van Cassavetes had kunnen evenaren. Veterane Ruth Gordon won een oscar voor de vertolking van de bemoeizuchtige buurvrouw met de rateltong, hoewel haar performance in mijn ogen overschaduwd wordt door de nóg betere Sidney Blackmer. Zijn Roman Castevet is tegelijkertijd het archetypische diabolische kwaad en de enerverend oubollige buurman. In andere nevenrollen herkennen we vroegere Hollywoodsterren als Ralph Bellamy en Maurice Evans en opkomend talent als Charles Grodin. Elk van hen leeft zich fantastisch in de rol die hen werd toebedeeld.

Sommigen noemen Rosemary's Baby de beste horrorfilm ooit gedraaid. Hoewel ik de mensen zeker begrijp die vurig voor deze eretitel pleiten, moet ik niettemin concluderen dat de prent net te kort schiet om dat kroontje op te zetten. De film duurt immers net dat beetje te lang, valt iets te vaak in herhaling en is in het gebruik van enkele bizarre droomsequenties te veel een kind van de rebelse jaren zestig. Gelukkig zijn dit slechts opmerkingen in de rand, die niets afdoen aan de wonderbaarlijk goed gerealiseerde claustrofobische sfeer, aan de superieure technische prestaties van de crew en aan de beklijvende acteerprestaties. Maar bovenal is dit een Roman Polanski-film. De artistieke klasse van de Pool is zichtbaar in ieder framepje van Rosemary's Baby, dat – in zijn rijk gevulde carrière – volgens mij het opperste kroonjuweel is.



BEELD EN GELUID
Het is jammer dat Paramount niet haar uiterste best heeft gedaan om de best mogelijke print van Rosemary's Baby op schijf te persen. Het beeld wordt immers gekenmerkt door een flinke portie grain, geregelde printbeschadigingen en de typische sigarettenmerkjes die bewijzen dat het hier niet om een directe kopie van het negatief gaat. Ook de scherpte moet in principe beter kunnen voor een klassieker van dit formaat, evenals de kleurenweergave en het contrast. De geluidstrack bestaat uit het originele monospoor, dat occasioneel kenmerken van ouderdom vertoont, maar over het algemeen helder en goed gebalanceerd is.

EXTRA'S
Slechts twee extra's sieren de disc, maar beide zijn van prima kwaliteit. Rosemary's Baby: A Retrospective (16 min.) bestaat uit recente interviews met Polanski, producer Robert Evans en set designer Richard Sylbert, die alle drie met veel plezier anekdotes ophalen over de film. Mia and Roman (22 min.) is een featurette uit 1968, die o.a. intrigerende beelden toont van tijdens het opnameproces en vooral focust op de dynamiek tussen cineast en actrice.



CONCLUSIE
Rosemary's Baby is een superbe psychologische horrorprent en een absoluut hoogtepunt uit het oeuvre van Roman Polanski. Een indrukwekkende prestatie van crew en cast draagt bij tot een spannende, claustrofobische en paranoïde sfeer die erg lang in je hoofd blijft rondspoken. Beeld en geluid verraden jammer genoeg de ouderdom van de film, maar de schaarse extra's intrigeren.


cover




Studio: Paramount

Regie: Roman Polanski
Met: Mia Farrow, John Cassavetes, Ruth Gordon, Sidney Blackmer, Maurice Evans, Ralph Bellamy

Film:
9/10

Extra's:
3/10

Geluid:
6/10

Beeld:
7/10


Regio:
2

Genre:
Actie

Versie:
U.K.

Jaar:
1968

Leeftijd:
18

Speelduur:
131 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
1.85:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital Mono 1.0,
Duits Dolby Digital Mono 1.0

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
• Interviews,
• Making of

Andere recente releases van deze maatschappij