:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> SOMETHING THE LORD MADE
SOMETHING THE LORD MADE
Bespreking door: Werner - Geplaatst op: 2006-09-13
FILM
Timmerman Vivien Thomas (Mos Def) wordt door de nurkse chirurg Alfred Blalock (Alan Rickman) in de jaren '30 aangenomen om het laboratorium te onderhouden waar de dokter zich onledig houdt met experimentele chirurgie, meer bepaald het simuleren van menselijke ziekten op honden, om daarna de mogelijkheden van een operatie af te tasten. Thomas is als zwarte man tenmidden de rassensegregatie nooit aan een studie van geneesheer geraakt, en al zeker niet nadat de bank er met zijn spaarcenten vandoor is. Hij blijkt echter al gauw zijn gave voor fijn prutswerk met succes op medisch gebied te kunnen toepassen, en als laboratoriumtechnicus maakt hij in samenspraak met doctor Blalock uit oude blikskes en drie rekkerkes de eerste kunstmatige hartoverbruggingen. Nadat het duo tijdens de oorlog de eerste patiënten, baby's met een hartafwijking, met succes behandelt, kan Johns Hopkins Hospital de toestroom van ouders met kinderen met gelijkaardige ziektebeelden niet meer stelpen. Aan het succes zit echter een ranzig kantje: terwijl professor Blalock, zeker na zijn succes, met alle eerbetuigingen en media-aandacht overladen wordt, bekijken zijn collega's "die zwarte" nog altijd als iemand die net onder de mestvaalt vandaan is komen kruipen, vinden sommige gerenommeerde geneesheren het een schande dat er "een neger in de operatiekamer" assisteert, en niet te vergeten wordt Thomas als derderangs arbeider dik onderbetaald voor het precisiewerk dat hij verricht. Gefrustreerd trekt Vivien de deur achter zich dicht en wordt vertegenwoordiger in poeierkes tegen maagzuur. Zijn plaats op deze wereld als "instrument des heren" (waar de titel van de film, alsook doctor Blalock naar verwijzen), blijkt echter daar te zijn waar de medische wetenschap hem het meest nodig heeft: achter de operatietafel.



De HBO TV-film Something The Lord Made is een kwaliteitsproductie van formaat, die naar een hoger niveau wordt getild door de inzet van in mindere mate Alan Rickman (bekend uit de Harry Potter-franchise, maar vooral een schitterende Mos Def (The Hitchhiker's Guide To The Galaxy), pseudoniem voor de zwarte rapper Dante Terrell Smith. De spiritualiteit waarmee Def als rapper in zijn genre boven de middelmaat uitsteekt, kan getransponeerd worden naar een zelfde soort charisma waarmee hij zijn rol gestalte geeft, zonder het minste spoor van overacteren, en hij hield aan deze Something The Lord Made een nominatie voor zowel een Golden Globe als een Emmy over. Waarvan het enige bezwaarlijke aspect was dat de man op het einde van de rit de awards niet mee mocht naar huis nemen. Zijn zeer beheerste stijl van acteren is prachtig om te zien, en Def slaagt er erg goed in om zijn opeenvolgende gemoedstoestanden zonder woorden te nuanceren. Defs optreden staat ook zo dwars mogelijk op het cliché dat rappers die zich eens aan een film willen wagen, eigenlijk nitwits zonder talent zijn die alleen maar goed zijn om voortdurend op te draven als drugdealende gangster. We zouden zelfs durven stellen dat Mos Def, na onder meer het zien van zijn bijrollen in Monster's Ball en The Woodsman ernstig moet overwegen om zijn muziekcarrière definitief aan de wilgen te hangen en ondubbelzinnig te kiezen voor een filmloopbaan. Als hij dit hoge niveau van acteren aanhoudt, zit er binnen dit en een paar jaar zeker een oscar voor de man in, als hij het geluk heeft om op de juiste rol te landen, want als dit een bioscoopproductie was geweest in plaats van een televisiefilm voor HBO, zou de film dankzij een grotere naambekendheid zeker en vast door een groter publiek ontdekt zijn. Niet dat regisseur Joseph Sargent voor deze prent eigenlijk heeft moeten klagen over gebrek aan aandacht: de tv-film viel, jammer genoeg in tegenstelling tot Mos Def die er steeds net naast greep, herhaaldelijk wél in de prijzen. En terecht; zonder een zoveelste film-met-een-vermanend-vingertje te willen zijn is het een geromantiseerde maar eerlijke biografie van het duo Blalock-Thomas, die na jaren van aanmodderen het Johns Hopkins-instituut terug op de medische wereldatlas plaatste. Het is overigens zeer realistisch dat Thomas pas op het einde van zijn carrière eindelijk de erkenning kreeg die hij verdiende, want de shunt - een soort van stut voor hartaders - die hij mee ontwierp staat nog altijd in het medisch jargon bekend als de Blalock-Taussig shunt, mee vernoemd naar doctor Taussig (in de film vertolkt door Mary Stuart Masterson) die mee bij de eerste operatie assisteerde, maar geen verdienste had aan het ontwerp ervan.



Ook de cinematografie van de film spreekt bijzonder aan, er wordt mooi gebruikt van archiefbeelden om de tijdsgeest van het door rassendiscriminatie verscheurde zuidelijke deel van de States tussen de Grote Depressie van 1929 en de burgerrechtenbeweging van de jaren '60 te evoceren - alleen in Alan Rickman's zuiderse accent sijpelt waarschijnlijk onbedoeld af en toe een beetje Brits flegma door - maar ook het design van de ouderwetse laboratoria ademt zo de sfeer van de pioniersdagen van de moderne geneeskunde uit. De spanning tussen de twee hoofdrolspelers is tastbaar, spanning die niet zozeer is ingegeven doordat Blalock zijn werknemer bewust discrimineert - discriminatie zit overigens in de tijdsgeest ingebakken, getuige daarvan de opvallende gescheiden toiletten - dan wel dat de brave man een beetje een warmans is en de administratieve details als belemmering voor zijn academische hersenspinsels beschouwt, en daardoor blind blijft voot de reële verzuchtingen van Thomas. Die fout, samen met uiteraard het tikje ijdelheid dat, om het met Blalock te parafraseren, "nodig is wanneer je de moed moet hebben om in iemand te beginnen te snijden", maakt ook Rickmans personage tegelijkertijd een tikje excentriek maar ook zeer menselijk. Persoonlijk heb ik het niet zo op films (of journaalbeelden, for that matter van operaties, maar de manier waarop hier medische ingrepen in beeld worden gebracht, staat nu eens werkelijk haaks op alle sensatiejournalistiek die tegenwoordig bedreven wordt. De make-up afdeling heeft ook enorm zijn best gedaan, en vooral de manier waarop Mos Def in de film dertig jaar ouder wordt ziet er prima uit - Alan Rickman daarentegen ziet er op het einde van de film hetzelfde uit als in het begin: een oude brompot. Uiteindelijk laat de film je als kijker achter met een zeer goed gevoel van rechtvaardigheid omwille van de historische erkenning die in de finale toch nog volgt, maar waar er dan in andere films vaak het podium wordt geruimd voor wat heroïsche prietpraat is ook deze slotscène een toonbeeld van waardigheid. Something The Lord Made maakt in elk geval aanspraken op de actievere helft van uw hersens, maar is ook op gebied van drama goed en consequent opgebouwd.



BEELD EN GELUID
Het doet ons in de eerste plaats deugd dat Warner televisiefilms als deze met dezelfde égards behandelt als gelijk welke bioscoopfilm. Ook producent HBO heeft een zekere reputatie hoog te houden, en dat is aan deze dvd gelukkig te merken. Het beeld is scherp en contrastrijk, maar in pakweg de eerste tien minuten zijn er bij de panbewegingen wat kleine schokjes te zien die duidelijk de NTSC-bron verraden. Bij de meer statische scènes is daar gelukkig niets van de merken, en krijgen we een beeld dat compleet vrij is van beschadigingen. De Dolby Digital 5.1-geluidstrack volstaat ook ruimschoots voor de beoogde doeleinden, en alhoewel de nadruk uiteraard op de voorste kanalen ligt, worden de achterste kanalen vooral voor de muziek ten volle benut - er wordt ergens in de film een erg jazzy feestje gegeven. Subwooferactiviteit is er eigenlijk niet echt te bespeuren, maar de thematiek van de film en het complete gebrek aan "harde actie" maken zulks toch overbodig.



EXTRA'S
De enige extra die de moeite waard is om vernoemd te worden is de informatieve en goed gedocumenteerde commentaartrack, ingesproken door regisseur Joseph Sargent, scenarist Peter Silverman, en producenten Eric Hetzel en Robert W. Cort, een commentaartrack die vooral mensen die de historische context van de film niet goed kennen, enorm veel informatie en nieuw inzicht zal bieden. De "Achter de schermen"-documentaire is met zijn 4 minuten inhoudelijk verwaarloosbaar.



CONCLUSIE
Het enige echte puntje van kritiek qua inhoud dat we op de film hebben, is dat Alan Rickman hoger op de aftiteling verschijnt dan Mos Def; een beetje intellectuele eerlijkheid zou moeten impliceren dat het omgekeerd zou moeten zijn. Waarmee eigenlijk bewezen wordt dat de strijd van de zwarten voor gelijkberechtiging toch nog niet helemaal voorbij is. Hoe dan ook, dit is een televisiefilm die de kwaliteit van vele bioscoopfilms van de laatste jaren ruimschoots overtreft. Aanrader!


cover




Studio: Warner

Regie: Joseph Sargent
Met: Alan Rickman, Mos Def, Mary Stuart Masterson, Kyra Sedgwick, Gabrielle Union, Charles Dutton

Film:
9/10

Extra's:
1,5/10

Geluid:
8/10

Beeld:
8,5/10


Regio:
2

Genre:
Drama

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
2004

Leeftijd:
12

Speelduur:
110 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
1.78:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital 5.1
Frans Dolby Surround 2.0
Italiaans Dolby Surround 2.0

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
• Audiocommentaartrack,
• Achter de schermen-documentaire

Andere recente releases van deze maatschappij