:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> DA VINCI CODE, THE
DA VINCI CODE, THE
Bespreking door: William - Geplaatst op: 2006-10-20
FILM
The Da Vinci Code is het verhaal over een zoektocht naar de mythische en mysterieuze Heilige Graal die sinds de Vroege Middeleeuwen mensenkinderen van alle slag bezig houdt: eerst in Jerusalem, waar Christus het laatste deel van zijn leven doorbracht, later in Frankrijk en Engeland, twee centrale plekken uit de Europese Middeleeuwse geschiedenis, wier naam nauw verbonden is met kruisridders, Tempeliers en geheime christelijke sekten. Het verbaast dan ook nauwelijks dat Dan Brown z'n verhaal laat beginnen in het Louvre, dat na het eclatante succes van diens bestseller, z’n deuren wagenwijd opengooide voor het filmcircus van Ron Howard en daar sindsdien ruim de vruchten van plukt. Want de oorden die Robert Langdon (Tom Hanks) en Sophie Neveu (Audrey Tautou) aandoen om de mysterieuze codes op de vloer van 's werelds bekendste museum te ontcijferen, zijn sindsdien uitgegroeid tot 21ste eeuwse bedevaartplaatsen. Of hoe historisch-religieuze fictie de gaatjes vult daar waar de katholieke godsdienst er nog nauwelijks in slaagt om de interesse op te wekken.



Laten we het om te beginnen over één ding eens zijn: The Da Vinci Code is pure fictie, ondanks de historische waarheden die Brown hier en daar in z'n boek verstopt. Jammer genoeg geloven miljoenen lezers klakkeloos alles wat Brown vertelt en slikken het als zoete koek en dat is geenszins de bedoeling geweest van de auteur. De kritiek die terzake is geuit is dan ook grotendeels niet terecht. Zelfs Umberto Eco, de grote hoogleraar semiotiek van de Italiaanse universiteit van Bologna vond het nodig om de stellingen van Brown met de grond gelijk te maken, terwijl de arme Amerikaan (inmiddels uiteraard multi-miljonair) niet meer in zijn mars had dan een spannende thriller over de Tempeliers, de Priorij van Sion en Opus Dei, lichtjes gebaseerd op waarheid, veronderstellingen, gissingen en veel persoonlijke creatieve associaties, zonder enige historisch pretentie. En als we eerlijk zijn: The Da Vinci Code – het boek – is een blijft een boeiende page turner, ook al zijn Browns dialogen volgens literaire critici houterig en z'n taalgebruik miserabel. Het heeft de kopers en lezers nauwelijks kunnen beïnvloeden. Met meer dan 50 miljoen verkochten exemplaren staat Dan Brown ondertussen zonder enige twijfel in de top-5 van de best verkochte boeken ooit. De Bijbel blijft uiteraard afgetekend op 1, zij het dat hooguit een zeer klein percentage van de kopers dat boek ook werkelijk heeft gelezen.



The Da Vinci Code - de bioscoopfilm – vertrok met andere woorden vanuit een bijzonder comfortabele positie en de kritiek – dit keer niet de literaire maar de cinefiele – kon zich dus op voorhand een beeld vormen van het te verwachten succes. Het is uiteraard frustrerend dat je als gespecialiseerd recensent op voorhand beseft dat je je trouwe publiek niet in de hand hebt, en het zou dan ook een klein kunstje moeten zijn om van een te verwachten nadeel toch een voordeel te maken. Jammer genoeg is dat niet gebeurd in verband met deze film. De pers- en mediarecensenten hebben zich in navolging van het verwende Cannes-publiek (waar de film z'n Europese première kreeg) ingegraven en The Da Vinci Code zonder meer met de grond gelijk gemaakt, waarbij alle mogelijk tekortkomingen als onderbouw voor negatieve kritiek zijn gebruikt. Wie de tijd neemt om op IMDB de ellenlange lijst van recensies door te nemen, zal merken dat er hoegenaamd geen eensgezindheid onder de specialisten bestaat over The Da Vinci Code en meer nog, dat het publiek het in overgrote mate oneens is met de negatieve scores die de film zijn toegekend. Voor de meerderheid van de lezers is er overigens geen twijfel: de film is een vrij getrouwe adaptatie van het boek, zij het met weglating van een aantal feiten, maar Ron Howard heeft in elk geval de verhaallijn van Brown in hoge mate gerespecteerd. Door de kritiek is hem dat kwalijk genomen, want de vrij lange historische uitwijdingen die nodig zijn om de veelheid van intriges te begrijpen, houden de voortgang van het verhaal – inderdaad - meer dan één keer op. Het is interessant om in dit verband even terug te grijpen naar Jean-Jacques Annauds zgn. psalimpsest of vrije bewerking van Umberto Eco's The Name Of The Rose, die indertijd net de omgekeerde kritiek kreeg: om de voortgang van het verhaal te garanderen gooide Annaud Eco's filosofische bedenkingen grotendeels overboord en beperkte zich tot de whodunnit, waarbij hij er niet voor terugschrok om ook van het opgevoerde inquisitieproces niet veel meer dan een travestie over te houden. Volgens de kritiek had Annaud Eco's meesterwerk verminkt en gedevalueerd tot een doodgewone thriller en ook Umberto Eco zelf heeft zich nooit meer dan in spaarzame bewoordingen over de verfilming van zijn magistrale roman uitgelaten. Ron Howard pakt het in The Da Vinci Code anders aan en neemt wél de tijd om uit te leggen hoe het christendom zich in de eerste eeuwen ontwikkelt, hoe op het Concilie van Nicea gepoogd wordt om aan de verdeeldheid een einde te maken, hoe daar over de onsterfelijkheid van Christus en zijn goddelijke afstamming tussen pot en pint hevig wordt geruzied en uiteindelijk een conclusie getrokken die man en paard behoort te sparen; hoe het Vaticaan de Tempelridders na de Eerste Kruistocht plots upgradet om ze tweehonderd jaar later, op vrijdag de 13de in oktober 1307, op één nacht in heel Europa te laten vermoorden, waarbij Rome er jammer genoeg niet in slaagt om de zgn. schat van de Tempeliers in handen te krijgen. Het is een brok historische informatie die in een boek van ettelijke honderden pagina's makkelijk weg te slikken is, maar in een bioscoopprent veel moeilijker onder te brengen. In een film moet je de dingen tonen en niet vertellen, schreef een Amerikaanse criticaster in dit verband, maar dat is veel makkelijker gezegd dan gedaan. Bovendien krijgt Ron Howard de kritiek – vooral van opposanten die het boek niet hebben gelezen – dat zijn uitleg onbegrijpelijk is en de film dus nauwelijks te volgen. Uit reacties te allen kanten blijkt dat die kritiek – die ook onze eigen De Standaard zonder meer als waarheid naar voren schoof – niét terecht is, want dat ook kijkers zonder voorkennis de voorgang van het verhaal moeiteloos kunnen volgen. De dvd-release van The Da Vinci Code levert bovendien het voordeel dat de kijker op elk gewenst moment kan terugspoelen, mocht het te snel gaan of mochten de overgangen tussen de verschillende onderdelen van de film vragen oproepen (wat trouwens ook in het boek wel eens het geval is).



Tom Hanks en Audrey Tautou (Un Long Dimanche De Fiançailles) zijn respectievelijk de Amerikaanse hoogleraar Robert Langdon en Saumières kleindochter Sophie Neveu. Zij worden tot elkaar veroordeeld nadat politieman Bezu Fache (Jean Reno) er op basis van de bewijzen in het Louvre vanuit gaat dat Langdon zijn Parijse collega in koelen bloede heeft vermoord. Een motief is niet nodig, want Fache, lid van het Opus Dei, heeft de informatie over de betrokkenheid van Langdon uit de eerste hand. Wat volgt is een zoektocht naar de waarheid achter Saumières cryptische krabbels annex een klopjacht, waarbij de politie het tweetal heel dicht op de hielen zit. Net zoals in het boek karakteriseert Ron Howard zijn beide hoofdpersonages maar matig. Brown reikt weinig bruikbare informatie aan over Langdon en Neveu, want hem interesseren voornamelijk de symboliek en het hermetische karakter van de te breken codes. Langdon en Neveu blijven louter getuigen, de ogen van de lezer/kijker als het ware, en hun inbreng in de echte actie van de film is eerder beperkt. Zij brengen ons louter van de ene locatie naar de andere op grond van hun ontdekkingen. Brown – en Howard in zijn spoor – doet geen enkel poging tot emotionele of amoureuze toenadering tussen de stugge Amerikaan en de intelligente Parisienne. Hem interesseert alleen de puzzel die hij tijdens zijn jarenlange research heeft samengesteld. Het moet dan ook niet verbazen dat vooral de figuren die in het middelpunt van de actie staan de meest aandacht trekken: Silas, bijvoorbeeld, de albino moordmachine van het Opus Dei, jarenlang door zijn broodheren geïndoctrineerd en mishandeld en uitgegroeid tot een dodelijk menselijk wapen. Zijn flagellatiescènes die Ron Howard tot twee keer toe in beeld brengt, zijn huiveringwekkend en voorspellen de fanatieke vastberadenheid waarmee deze kerel de hem opgedragen taken zal uitvoeren. Politiecommissaris Bezu Fache staat minder vaak centraal in de film, maar Jean Reno – Frankrijks best betaalde mannelijke acteur – slaagt erin om z'n sinistere karaktertrekken, gestuurd door de fanatieke religieuze ideeën van zijn personage, zichtbaar te maken. De meest kleurrijke figuur is beslist Ian McKellen als Sir Leigh Teabing, een Britse kennis van Robert Langdon en groot specialist op het terrein van de Priorij van Sion. McKellen levert een aantrekkelijke en pittige, niet van humor gespeende prestatie, maar kan niet voorkomen dat de film een dip maakt net in het fragment waar hij optreedt: McKellen is degene die ons het hele intrige van The Da Vinci Code vertelt en Ron Howard gebruikt prachtige zwart/wit-fragmenten ter illustratie van de historische feiten. Toch kan hij een vorm van didactische en schoolse sfeer nauwelijks vermijden en blijft de kijker zich ondertussen afvragen waarom de Parijse politie er in godsnaam zo lang over doet om het huis van de geleerde te bereiken en te overrompelen.

Ron Howard heeft geen vernieuwende techniek gebruikt of de grenzen van de cinemakunst met deze film verlegd. Zijn productie ademt integendeel een sfeer van klassieke degelijkheid uit en vermijdt risico’s door zich strikt aan het boek van Brown te houden. Eén ding blijft als grote zekerheid overeind: miljoenen bioscoopbezoekers hebben een positief oordeel geveld over deze film. En van het niveau van die kijkers kunnen we gerust zeggen dat het vrij hoog ligt: meer mensen met een universitaire graad en een hogere opleiding dan lezers/kijkers met een arbeidersopleiding. Het Caesaroordeel is dus geveld.



Blijft over: het onderwerp en de thematiek van The Da Vinci Code. De Tempeliers, de Priorij van Sion, de afstamming van Christus tot in de Merovingische dynastie, de vindplaats van de graftombe van Maria Magdalena, de intriges van Opus Dei en de eeuwenlange stokerij van het Vaticaan: het interesseert je als lezer/kijker of het laat je Siberisch, of zoals Tom Hanks, alias Robert Langdon, het op het einde van The Da Vinci Code heel kort en bondig formuleert: wat telt is wat je gelooft en bij uitbreiding is wat je gelooft ook heel vaak datgene wat je interesseert.

BEELD EN GELUID
The Da Vinci Code is prachtig van beeld. Ook hierover kreeg de film nauwelijks goeie kritieken, maar de opnamen aan het begin van de film, met conservator Saumière vluchtend voor een huurmoordenaar in zijn eigen museum, is prachtig in beeld gebracht, met loerende engeltjes en opgeschrikte historische figuren op 's werelds bekendste en meest geliefde schilderijen. The Da Vinci Code speelt zich grotendeels af in het donker, of in donkere interieurs (museum, kerken, kastelen, bossen, geheime bergplaatsen) en Ron Howard heeft voor elke locatie de geschikte sfeer en temperatuur gezocht, vermijdend dat de kijker meer dan twee uur lang ondergedompeld zou worden in louter tinten van bruin en zwart. Elk interieur heeft apart aandacht gekregen waarbij vooral het Louvre zijn voordeel doet met bijna geschilderde tinten van gepatineerde en diffuus bruine en zachte donkere accenten. De gebedshuizen baden in een sfeer van lichtgrijs en doorzichtig blauw met nevel in de panoramische opnamen en de Sint-Sulpice blijft gehuld in mysterie, met een gevoel van dreiging, ondersteund door het onmenselijk aandoende grauw in het gezicht van Silas. Diens boetescènes spelen zich af in een kaal, haast luguber kleurloos kamertje met bloederige close ups van zijn beige-achtig vernielde lichaam. Het Bois de Boulogne heeft iets dreigends, verstopt in anonieme schaduwen en schelle straatverlichting in de achtergrond. De opnamen zijn meestal haarscherp, met veel detail en voldoende contrast. Van ongerechtigheden, uitwaaiering en scherpe aflijning in geen sprake.



Voor de muziek tekent Hans Zimmer (Gladiator), deze keer niet met een vlot herkenbare melodie in diverse toonaarden en tientallen arrangementen, maar wel met wijdse tapijten van strijkers en daarover koper en piano. Omdat het hier om een thriller gaat, zijn Zimmers composities intenser van sfeer, dreigender en bij momenten zeer nadrukkelijk aanwezig. Het geluid staat in 5.1 en zowel de subwoofer als de achterste kanalen doen daar hun voordeel mee. The Da Vinci Code is m.a.w. ook auditief een spektakel.

EXTRA'S
De afdeling extra's is een mager beestje, zoals men dat hier te lande pleegt te noemen: Trailers van o.a. Marie-Antoinette, Casino Royale en Ultraviolet, maar totaal niets over The Da Vinci Code, zelfs niet de originele bioscooptrailer.



CONCLUSIE
Het is bon ton om The Da Vinci Code af te maken als een weinig spannende en weinig vernieuwende film met middelmatige acteerprestaties en een stuiterende voortgang. Uw dienaar heeft daar allemaal weinig of geen last van gehad en genoten van zowel Tom Hanks als Audrey Tautou, de angstaanjagende scènes met Silas, zich druk gemaakt over een bekrompen Parijse politieman, genoten van het talent van Ian McKellen en de veelvuldige spannende actiescènes. The Da Vinci Code is bovendien doorspekt met prachtige opnamen van Parijs, het Louvre, de diverse gebedshuizen, toepasselijke trucages en niet te vergeten de oogstrelende glazen piramide van de Chinees-Amerikaanse architect I.M. Pei.


cover




Studio: Sony Pictures HE

Regie: Ron Howard
Met: Tom Hanks, Audrey Tautou, Ian McKellen, Alfred Molina, Paul Bettany, Jean Reno

Film:
8,5/10

Extra's:
0/10

Geluid:
9/10

Beeld:
9/10


Regio:
2

Genre:
Thriller

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
2006

Leeftijd:
12

Speelduur:
142 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
2.40:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels / Frans Dolby Digital 5.1
Italiaans Dolby Digital 5.1
Tsjechisch Dolby Digital 5.1

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
• Trailers

Andere recente releases van deze maatschappij