:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> CARS
CARS
Bespreking door: Werner - Geplaatst op: 2006-12-13
FILM
De Piston Cup race eindigt in een drievoudige fotofinish tussen de gevestigde kampioen The King (Richard Petty), eeuwige tweede Chick Hicks (Michael Keaton) en dé sensatie van het race-seizoen, de jonge ambitieuze racewagen Lightning McQueen (Owen Wilson). De jury beslist om de winnaar te bepalen door de drie wagens nog eens een extra race tegen elkaar te laten rijden binnen één week in Californië. Lightning McQueen ziet zijn kans schoon om zijn succes te verzilveren en er een dik sponsorcontract aan over te houden, want als uithangbord voor een hoogst on-sexy antiroestmiddel dat een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefent op groupies die ongeveer uit elkaar vallen van het roest, heeft Lightning het nu wel ongeveer gezien. Een lesje in bescheidenheid zou de jonge bolide geen kwaad kunnen, en tijdens zijn overtocht naar Californië gebeurt het dan: hij valt uit een rijdende truck, en belandt in het pittoreske, maar volledig van alle wegenkaarten verdwenen Radiator Springs, een stadje met glorie die is gesmolten als sneeuw voor de zon toen de autostrade werd rechtgetrokken om een vijf minuutjes tijdwinst op te leveren.



Omdat Lightning het asfalt van de hoofdweg heeft opengescheurd, veroordeelt de lokale rechter Doc Hudson (Paul Newman) hem tot een werkstraf: hij moet de rijweg herasfalteren! Lightning denkt er nog geen minuut aan om in het achterlijke hillbilly-boerengat te blijven, en hij geeft bij de eerste de beste gelegenheid plankgas. De dorpsinwoners zijn echter minder dom dan ze er uitzien, en ze weten Lightning aan de ketting (of de wielklem) te houden. Lightning ondergaat met lichte tegenzin dan maar zijn straf, maar leert intussen een belangrijke levensles: een beker, de eerste plaats, het wereldkampioenschap... het is eigenlijk allemaal niet zo belangrijk. Hij wordt verliefd op een knappe kleine Porsche, Sally (Bonnie Hunt), sluit vriendschap met de dommige takelwagen Mater (Larry The Cable Guy), en komt te weten dat Doc Hudson eigenlijk vijftig jaar geleden een gevierde racewagen was, die zich na een serieus ongeluk uit het circuit heeft teruggetrokken. Zal de asfaltweg klaar geraken vòòr de finale van de Piston Cup? Gaat één van de finalisten uit de bocht? Zal de oude glorie van Radiator Springs herleven? Zullen Luigi en Guido eindelijk een set banden verkopen?



Hoe blijven ze het bij Pixar toch waarmaken? Na Toy Story, A Bug's Life, Monsters Inc., Finding Nemo en The Incredibles is dit de zoveelste keer dat ze hun succesformule weten te verzilveren. Moedermaatschappij Disney zijn ze al lang kwalitatief overstegen, en door de koppige houding van Michael Eisner zag het er lange tijd naar uit dat deze Cars het laatste wapenfeit van Pixar bij Disney zou worden. De aandeelhouders hebben echter gesproken, en het is net Eisner die zijn boeltje heeft mogen pakken, en regisseur Lasseter die steviger dan ooit in het zadel zit; de grote baas van informaticabedrijf Apple, Steve Jobs, die ooit Pixar mogelijk maakte, aast nu zelfs op een meerderheidsparticipatie in het Huis van de Muis. Met de volgende film, Ratatouille in produktie lijkt de toekomst voor Pixar verzekerd. Wat nogmaals bewijst dat elke schoenmaker best bij zijn eigen leest blijft, Pixar bij computeranimatie en Disney zelf bij traditionele animatie, want Chicken Little leek nergens op.



De animatiestudio, waarvan de regisseur zich geheel on-conform de stijl steevast op aandeelhoudersvergaderingen laat zien in een Hawaii-hemd, lijkt wel het aards paradijs voor werknemers, die zich rot amuseren en er nog voor betaald worden ook. Met zo'n positieve ingesteldheid is het niet te verwonderen dat ze hun enthousiasme keer op keer weten over te brengen in hun animatiefilms. Zelfs levenloze voorwerpen als auto's weten ze te voorzien van een flinke dosis karakter, door allemaal heel simpele trucjes - zo worden in deze film de ogen van de personages niet in de koplampen weergegeven, maar op de voorruit, wat een heel scala aan extra gelaatsuitdrukkingen oplevert - die allemaal op zichzelf niet zo spectaculair zijn, maar toch elk afzonderlijk bijdragen aan een fris en eigentijds geheel. Na Brad Birds The Incredibles heeft John Lasseter de regie voor deze film weer zelf in handen genomen, daarin bijgestaan door wijlen Joe Ranft, die het einde van de productie spijtig genoeg niet gehaald heeft, nota bene door een auto-ongeluk.



De totale afwezigheid van menselijke figuren in de film, in tegenstelling tot de voorgaande, zorgt ervoor dat de animatoren en de scenaristen hun creativiteit weer kunnen botvieren op tal van transposities van situaties uit het dagelijkse leven naar de leefwereld van een stel "levende" auto's. Een pompstation wordt in een handomdraai een café, in plaats van koeien omverduwen spelen Mater en Lightning 's nachts een spelletje tractor tipping (Meuh!), en in plaats van aan de drugs zit de plaatselijke hippie aan de biobrandstof. Nog verwonderlijker is dat ze zelfs uit tweedeklasacteurs als Owen Wilson een redelijk enthousiaste voice performance weten te persen. Toch wordt de Grote Wijze Levensles er eens te meer iets te nadrukkelijk ingeramd; het plaatje dat het geluk niet te vinden is in het materiële, maar in den vriendschap en den verwondering der alledaagschen schoonheid begint al wat krassen te vertonen, en lijkt met elke animatiefilm - CGI-gegenereerd of niet - weer wat afgezaagder te worden. Niet het winnen telt, maar het deelnemen, enzovoort; u kent de frasen intussen allemaal van buiten.



Daartegenover staat dan weer een eindeloze reeks visuele gags, waarbij twee seconden met de ogen knipperen op een willekeurig ogenblik in de film voldoende is om een paar essentiële momenten te verliezen, en een toch nog altijd gezonde dosis zelfrelativering bij Pixar, ondanks het feit dat ze van zichzelf weten dat ze de besten in hun vakgebied zijn. En natuurlijk begint ook deze film weer met een origineel idee. Na het aanzuiveren van het energietekort door monsters in de kast, levend speelgoed en de vakbond voor uitgerangeerde superhelden is het ditmaal de intussen bijna als werelderfgoed geklasseerde Route 66, een macadambaan die Amerika doorkruist met alle paar kilometers een opeenvolging van spookstadjes, die allemaal ooit een graantje wilden meepikken van de American Dream, die als basis voor het verhaal diende. Dergelijke originele uitgangspunten zorgen ervoor dat het scenario van een Pixarfilm slechts zelden moet worden aangedikt met goedkope platte humor, en dat Pixar wat dat betreft constant een zeker minimumniveau wil aanhouden, siert hen. Maar waarschijnlijk het belangrijkste, de animatie is in één woord weergaloos. Elke auto heeft zijn eigen karaktertrekken - van sportieve cabrio tot een sedan die degelijkheid en robuustheid uitstraalt, is voorzien van al dan niet doorgeroeste accessoires, heeft een eigen stemtimbre (de Italiaanse autootjes spreken spaghettiwestern-Engels) en meer van dat soort fraaie details.



BEELD EN GELUID
Computeranimatiefilms geven zelden tot nooit aanleiding tot video-artefacts, omdat de onverzetting van film naar dvd zonder één millimeter pellicule of ander materieel inferieur medium geschiedt. Rechtstreeks van de digitale rendering-systemen naar schijf is dit alweer een puike beeldkwaliteit die erg dicht bij de maximumgrens ligt van wat op dvd technisch mogelijk is. Minder dan een perfecte score voor beeld kunnen we principieel niet toekennen, maar dat is op gebied van geluid wel even anders.



Niet dat de geluidskwaliteit principeel als slecht moet worden bestempeld, maar zoals tegenwoordig vaak moeten we op deze release de originele audiotrack weer delen met een Vlaams (met Urbanus van Anus, of all people!) en Nederlands dubbingsspoor. Alhoewel de tracks alledrie van een Dolby Digital 5.1 EX-variant zijn, waarbij de eigenaars van de daarvoor geschikte apparatuur van een nóg betere spreiding van het geluid kunnen genieten, is de bitrate telkens maar 384 Kbps. Daarenboven wordt er nog kostbare plaats versmost aan een volstrekt overbodige Dolby Surround 2.0-variant van het Nederlandse geluidsspoor. De door de boxen scheurende sportwagens leven een aardig klankbeeld op, en vooral de races waarmee de film begint en eindigt zijn spectaculair, maar de diepte van de klank haalt het niet vergeleken met bijvoorbeeld Finding Nemo. De dialogen klinken meestal door de voorste speakers, maar er wordt bij wijze van gag al eens van audiokanaal geswitcht - wanneer er bijvoorbeeld een kudde koei... euh, tractors de rijbaan passeert of zo. De soundtrack is een mengeling van originele composities van Pixars huiscomponist annex singer-songwriter Randy Newman, afgewisseld met frisse en goed bij het thema passende Amerikaanse FM-rockmuziek met namen als James Taylor, Tom Cochrane en Sheryl Crow op de affiche.



EXTRA'S
Wat is dit een ontgoocheling, zeg! Eens te meer worden we stiefmoederlijk behandeld met deze release, en in tegenstelling tot de vele mooie 2-discsets die we van Pixar stilaan gewoon geworden zijn, worden we ditmaal met een serieuze kluit in het riet gestuurd. Al even oud als Pixar is de traditie om bij computeranimatiefilmpjes nog een kort voorfilmpje te geven. Na pareltjes als For The Birds, Luxo Jr. en Geri's Game hoort in het voorprogramma Cars het aandoenlijke filmpje One Man Band, waarin een meisje haar enige munt wil schenken aan één van twee elkaar uitslovende straatmuzikanten, die elkaar in hun act proberen te overtreffen. Ook vinden we op deze dvd een nieuw kortfilmpje, Mater And The Ghost Light terug, en kunnen we de epiloog op de aftiteling, waarin Pixar de draak steekt met zijn eigen vorige films, op groot scherm bekijken. Maar de rest van deze disc is, vergeleken met internationale releases, een beetje een betreurenswaardige rip-off. Een korte documentaire van een minuut of 7 waarin regisseur John Lasseter vertelt hoe de makers op het idee voor deze film waren gekomen tijdens het doorkruisen van het Amerikaanse platteland op de wereldberoemde Route 66 is de enige toegift, en dan nog is dit filmpje voor meer dan de helft ingekort tegenover bijvoorbeeld de Amerikaanse release. Van een deluxe 2-discset met alles erop en eraan zoals bijvoorbeeld in Australië te krijgen is, is hier helemáál geen sprake.



CONCLUSIE
Hoe zeer we de film zelf ook kwaliteiten willen toedichten en de beeld-en geluidskwaliteit de hemel willen inprijzen, het ontbreken van quasi alle bonusmateriaal van betekenis is een serieus minpunt, waardoor we de status van Top-dvd met de beste wil van de wereld niet kunnen toekennen.


cover




Studio: Buena Vista

Regie: John Lasseter & Joe Ranft
Met: Owen Wilson, Paul Newman, Bonnie Hunt, Larry The Cable Guy, Cheech Marin, Tony Shalhoub, Guido Quaroni, Jenifer Lewis, Paul Dooley, Michael Wallis, George Carlin, Katherine Helmond, John Ratzenberger, Joe Ranft, Michael Keaton, Richard Petty

Film:
8/10

Extra's:
1,5/10

Geluid:
8,5/10

Beeld:
10/10


Regio:
2

Genre:
Komedie

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
2006

Leeftijd:
AL

Speelduur:
111 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
2.39:1 anamorfisch PAL

Geluid:
Engels Dolby Digital 5.1 EX
Vlaams Dolby Digital 5.1 EX
Nederlands Dolby Digital 5.1 EX
Nederlands Dolby Surround 2.0

Ondertitels:
o.a. Nederlands
Extra's:
• Geanimeerde menu's,
• Epiloog,
• Kortfilm "Mater and the ghost light",
• Kortfilm "One man band",
• Documentaire "The inspiration for Cars"

Andere recente releases van deze maatschappij