:: BESPREKINGEN ::
DVDInfo.be >> Bespreking >> HÄNDLER DER VIER JAHRESZEITEN, DER
HÄNDLER DER VIER JAHRESZEITEN, DER
Bespreking door: William - Geplaatst op: 2009-02-15
FILM

In Der Händler der Vier Jahreszeiten trekt de Duitse enfant terrible Rainer Werner Fassbinder opnieuw alle registers open om het leed van de kleine man voor het voetlicht te brengen. Zijn hoofdpersonage Hans Epp (Hans Hirschmüller) is als het ware veroordeeld om te mislukken, ook al doet hij z’n best om van het weinig dat hij heeft zoveel mogelijk te maken. Als 18-jarige wilde hij graag iets met zijn handen doen, maar zijn bourgeoismoeder (Gusti Kreissl) vond een fatsoenlijke opleiding voor haar jongste gepaster. Dus vluchtte hij met een vriend naar het Vreemdelingenlegioen. Bij zijn thuiskomst, twee jaar later, krijgt hij de volle laag: de goeden sterven, zegt ze bitsig, typen zoals jij komen terug. In een poging zijn familie goed te stemmen gaat Hans vervolgens bij de politie, maar daar loopt het mis en wordt hij ontslagen nadat zijn baas hem op een blowjob met een aantrekkelijke blondine betrapt. Dus doet hij dat waartoe hij in staat is: hij koopt een handkar en trekt als groente- en fruitverkoper langs de Innenhöfe van de Münchener binnenstad. Ongeveer tegelijk wijst de liefde van zijn leven (Ingrid Caven) hem definitief af: een straatventer is voor haar familie uitgesloten.

 
Acht jaar later: Hans is getrouwd met Irmgard (Irm Hermann) en ze hebben een dochtertje Renate. Het echtpaar trekt samen langs de straten om de koopwaar aan de man/vrouw te brengen. Van de opbrengst kunnen ze goed leven. Irmgard is evenwel ziekelijk jaloers en wanneer haar echtgenoot op een keer een kilo peren bij z’n ouwe vlam aflevert en volgens zijn vrouw té lang wegblijft, wordt het hem teveel. Hij zoekt z’n toevlucht in zijn stamcafé en komt niet op het afgesproken uur naar huis. Irmgard stopt haar dochter in bed en gaat naar haar man op zoek, maar die is dronken en wil niet met haar meekomen. Wanneer hij in de vroege uurtjes dan toch de kamer binnenstrompelt en Irmgard hem een smeerlap noemt, krijgt ze een paar rake klappen. Ze vlucht naar haar schoonmoeder en zweert nooit meer bij hem terug te keren. Hans probeert Irmgard de dag nadien op andere gedachten te brengen, maar die belt een advocaat om de scheiding aan te vragen, waarop hij voor dood op de vloer van zijn ouderlijke huis neervalt.
 

 
Zoals wel vaker bij Fassbinder, wordt het voorval met veel theatraliteit en toneelmatig melodrama omzwachteld. De figuren verstijven en staan een ogenblik doodstil in tijd en ruimte, als een versteende beeldengroep, aangedaan, maar in de onmogelijkheid verkerend om in te grijpen. Alleen Hanna Schygulla als Hans’ oudere zusje Anna houdt het hoofd koel en belt een ziekenwagen. Het is vintage Fassbinder, absurd theater van het beste soort, verrassend en tegelijk grappig, maar de pijnlijke ondertoon van aliënatie en verbijstering ontgaat u als geïnteresseerd kijker beslist niet. Het is nog maar het begin, want uitgerekend Hans’ hartaanval zorgt voor een verzoening tussen de echtelieden, eentje waarvan de toeschouwer beseft dat ze door Irmgard is bedacht ter meerdere eer en glorie van zichzelf. Ze was al een stuk groter dan Hans, door zijn fysieke handicap kan ze hem nu ook op het zakelijke niveau haar zienswijze opdringen. Jaloers op een vrouwelijke rivale hoeft ze overigens niet meer te zijn, want zijn seksuele appetijt is sinds z’n hartaanval bijzonder broos geworden. Als een spin midden in het web manipuleert Irmgard niet alleen haar echtgenoot, maar ook de mannen die hij in dienst neemt om met de handkar rond te trekken terwijl zijzelf een vast groente- en fruitkraam op straat voor haar rekening neemt. De rol van Irmgard – op een onnavolgbare manier gestalte gegeven door Irm Hermann – is één van de meest complexe uit het Fassbinder-universum. De aanvankelijke sympathie van de kijker voor het vrouwelijke hoofdpersonage, slaat halfweg de film om in medelijden met Hans, op het moment dat Irmgards berekende plannenmakerij op de voorgrond treedt. Zij is niet het zwakke vrouwtje, de mishandelde echtgenote of de mentaal geterroriseerde; ze slaagt er wel in om voor de buitenwereld dat beeld op te hangen wanneer haar dat het meest geschikt lijkt. Alles wijst er overigens op dat sociaal en financieel gewin Irmgards enige beweegredenen zijn geweest om met Hans te trouwen en gelukkig is het lot haar welgezind en komen haar plannen uit.
 
Het is even wennen aan de manier waarop Hans Hirschmüller de figuur van Hans Epp neerzet, maar het wordt gauw duidelijk dat de jongeman over beperkte sociale vaardigheden beschikt als gevolg van een dominante moeder die altijd voor hem beslist heeft. Irmgard is als het ware in de voetsporen van die dominante persoonlijkheid getreden na hun huwelijk en zelfs zijn goedmenende zus Anna – die haar familieleden tijdens gezamenlijke dineetjes voortdurend op hun misprijzen jegens Hans wijst – kan een zeker gevoel van geringschatting jegens haar broer niet altijd even goed onderdrukken. Terecht voelt Hans zich het zwarte schaap van de familie en zelfs wanneer hij een medewerker in dienst neemt en daardoor de omzet van zijn bedrijfje laat verdubbelen, blijft het minderwaardigheidsgevoel hem parten spelen. Hij zal nooit een intellectueel zijn. Hij zal nooit de fijne maniertjes van zijn familieleden en zijn aangetrouwde zwager voldoende beheersen om au sérieux te worden genomen. Voor hen blijft hij een goedboerende Untermensch en dat beseft Hans maar al te goed. Of zoals Fassbinder het zou uitleggen: niemand kan aan z’n lot ontsnappen, wat hij in Der Händler der Vier Jahreszeiten overigens op zeer cynische wijze probeert te bewijzen.
 

 
Ondanks de humor die gewild of bij toeval in Der Händler der Vier Jahreszeiten voorhanden is, blijft deze Fassbinder-film tot op het einde pessimistisch. De een zijn dood, is de ander zijn brood: het gaat alleen op voor Irmgard, ondertussen uitgegroeid tot de zwarte weduwe van dit verhaal, die meteen een nieuw en argeloos slachtoffer heeft gevonden om Hans te vervangen. Opnieuw schets Fassbinder een bitter portret van de West-Duitse samenleving, bij uitbreiding van de hele West-Europese maatschappij en zelfs van het hele mensdom tout court, want wat is meer menselijk dan egocentrisme en eigenbelang? Fassbinders scenario is eenvoudig en eenduidig en omdat zijn verhaal ergens halfweg de lijdensweg van Hans begint, introduceert hij ruime flashbacks om het verleden van zijn hoofdpersonage voor de kijker zichtbaar te maken. Bizarre camerastandpunten in trappenhuizen, kikker- en vogelperspectieven, horizontale en verticale snijlijnen, kunstlicht, spiegels en soortgelijke attributen, ze worden zoals gebruikelijk door de regisseur in stelling gebracht om de visuele realisatie van het project tot een goed einde te brengen.


BEELD EN GELUID
Voor de transfer hebben de restaurateurs een beroep kunnen doen op een zo goed als perfecte originele filmkopie. Als gevolg van de digitale zorg waarmee het materiaal is bewerkt om contrast, detail en algemene look opnieuw te optimaliseren, is er dan ook sprake van het best mogelijke resultaat ooit, wellicht beter dan wat in de bioscoop destijds te zien was: veel detail, haarscherp beeld, een uitstekende balans tussen licht en donker, en natuurlijke kleuren met een voorliefde voor bruin en bruinachtig geel in de interieurs. Het geluid is eenvoudig, zgn. stereo – en in de Verenigde Staten is men er zelfs in geslaagd om een 5.1-versie te voorschijn te toveren - maar het effect is in alle gevallen hetzelfde: mono 1.0 via twee of meerdere speakers.




EXTRA'S
Als extra is de tv-film uit 1970, Warum Läuft Herr R. Amok?, toegevoegd, waarin R.W. Fassbinder met dezelfde problematiek van wal steekt. In deze donkere satire op het leven van de middelklasse portretteert hij de dertiger Herr R. (Kurt Raab), medewerker op een architectenbureau, die het moeilijk heeft om tegemoet te komen aan de sociale, maatschappelijke en culturele eisen van zijn vrouw, zijn ouders en zijn omgeving. Dat leidt tot stress en tot minder goede prestaties, een slecht huwelijksleven en een algemeen gevoel van onmacht waarvoor maar weinig bruikbare oplossingen zijn. Fassbinder maakt van deze tv-film een semi-documentaire met lange dialoogpassages die tegen een langzaam tempo voorbijglijden. Inhoudelijk gaat het om een vrij sterke productie, maar zonder veel visuele hoogstandjes, wellicht vanwege het lage budget dat beschikbaar was.


CONCLUSIE
Der Händler der Vier Jahreszeiten en de voor minder dan 10.000 dollar gemaakte tv-productie Warum Läuft Herr R. Amok?, ze behoren allebei tot de eerder pessimistische films uit Fassbinders oeuvre. Alle ingrediënten van zijn latere – succesvolle – films zijn al aanwezig, alleen de politieke context ontbreekt nog. Zoals in de meeste van de films uit zijn vroege carrière is er sprake van een nauwe band met het acteerwerk in het theater – waar hij nog zeer regelmatig als regisseur optrad in die periode – waardoor het realisme vaak plaats moet maken voor gekunstelde en theatrale effecten die soms voor grappige en verrassende momenten zorgen, andere keren voor een zekere vervreemding tussen toeschouwer en dat wat zich op het witte doek afspeelt. Niemand ontsnapt uiteindelijk aan de morele les die Fassbinder voor het publiek in petto heeft en die meer dan 35 jaar na dato nog niets van haar intensiteit verloren heeft.
 




cover




Studio: A-Film

Regie: R.W. Fassbinder
Met: Hans Epp, Irm Hermann, Hanna Schygulla, Andrea Schober, Gusti Kreissl, Klaus Löwitsch, Karl Scheydt, Ingrid Caven, Kurt Raab, Heide Simon, Peter Chatel, Elga Sorbas, Lilo Pempeit, Walter Sedlmayr, El Hedi Ben Salem, Hans Hirschmüller, Harry Baer

Film:
8/10

Extra's:
7/10

Geluid:
7,5/10

Beeld:
8,5/10


Regio:
2

Genre:
Drama

Versie:
Benelux (NL)

Jaar:
1972

Leeftijd:
12

Speelduur:
89 min.

Type DVD:
SS-DL


Beeldformaat:
1.33:1 anamorf PAL

Geluid:
Duits Dolby Digital Mono

Ondertitels:
Extra's:
• Warum Läuft Herr R. Amok? (88 min.)

Andere recente releases van deze maatschappij